| |
Reisavontuur: Familie Van Dorst: Deel 16, Gringo-trail
AN SALTA NAAR SAN PEDRO DE ATACAMA
Na een geweldige tijd in Salta en omgeving, werd het tijd voor andere
ervaringen. Hoewel, in ons hart wilden we eigenlijk nog veel langer bij
onze vrienden in Seclantas blijven. Zelfs het weer hielp ons om nog
even te blijven. Op de dag dat we met de bus naar San Pedro de Atacama
in Chili zouden gaan, bleek de pas over de Andes een meter of twee
verse sneeuw te bevatten. Dat was te veel voor de bus, dus we bleven
nog een dagje extra in Salta.
Een dag later was het echt zover. Na een tocht van een uur of drie over
prachtige passen, langs zoutmeren en door woestijnen, stonden we voor
de toegangspoort tot de pas naar Chili. Opstopping daar. We mochten er
niet doorheen, want er lag sneeuw. Het was te gevaarlijk. Na een uur
wachten zijn wij het zat, want er wordt maar niets besloten. Ik ga
langs bij de paswachten die in conclaaf zijn. Ze beloven snel een
besluit te nemen. Intussen komen er vrachtwagens van de andere kant,
wat een teken is dat de pas begaanbaar is. Een kwartier later wordt het
sein op groen gezet. We mogen verder. Tot de Chileense grens gaan we
over ripio. Zo gauw we over de grens zijn, verandert de weg in
superglad, pikzwart asfalt. De Chilenen zijn goed in dat soort dingen.
We rijden over een superwinderige weg dwars door een kale woestijn als
plotseling het deksel van de airco van onze bus er af waait. Een hoop
consternatie, en met vereende krachten wordt het enorme deksel naar de
bus terug gebracht. Een kwartier later komt een vrachtwagen achteruit
een heuvel af gereden. Kennelijk doen zijn moter en remmen het niet
meer. Het is een enge ervaring voor ons, maar gelukkig weet de
chauffeur de combinatie in een schaar te krijgen. Aldus komt de wagen
tot stilstand, maar de schade aan de combinatie is niet gering. Onze
bus rijdt om het geheel heen en scheurt verder. Vijf minuten later
zitten we midden in de sneeuw. Op de weg is het grotendeels verdwenen,
maar op sommige stukken rijden we dwars door een grote sneeuwwolk heen,
veroorzaakt door de storm die woedt. De chauffeur laat zich niet van de
wijs brengen en rijdt vrolijk door. Het grootste deel van de passagiers
is angstig stil, behalve Mila, want die vindt het allemaal wel heel
spannend en cool.
| Sneeuw in de woestijn |  | | Sneeuw op de pas van Argentinie naar San Pedro de Atacama in Chili |
Onze eindbestemming is San Pedro de Atacama, gelegen in de droogste
woestijn ter wereld. Dat blijkt een aangenaam, maar giga toeristisch
gat te zijn. Het bestaat uit een aantal zanderige straten met lage
lemen huizen die voor drie kwart een toeristische bestemming hebben
(hotels, restaurants, reisbureau's, musea, artesaniawinkels). Er wonen
bijna geen gewone mensen. De restaurants en hotels zijn stuk voor stuk
erg Westers en aangenaam van atmosfeer. Ook de prijzen zijn volledig
Westers en dat is wat minder aangenaam. We lopen in San Pedro tussen
duizenden toeristen (reizigers zoals ze zelf liever genoemd willen
worden) en realiseren ons met en schok dat we nu op de beroemde
´gringo-trail´ beland zijn. En dit blijft ook zo tot Cuzco en Machu
Picchu in Peru. Duizenden en duizenden ´gringo's´ ofwel buitenlanders
doen dezelfde route om daar een ´unieke´ ervaring op te doen. Wij dus
ook. Het woord ´gringo´ vindt zijn oorsprong trouwens niet in Zuid
Amerika, maar in Vietnam. De Vietnamezen schreeuwden ´Green Go´ tegen
de Amerikaanse soldaten die hun land binnenvielen. Dit woord is
vervolgens verbouwd tot gringo.
| Zonsondergang |  | | Indrukwekkende Puesta del sol in de buurt van San Pedro |
SALAR DE UYUNI
Een van de ´unieke´ ervaringen die alle gringo's opdoen is de een
jeeptour van drie of vier dagen door de zoutvlakte van Uyuni. Wij ook,
en geloof het of niet, maar het was echt een unieke ervaring. Alleen
het boeken van de tour was al spannend. We hadden besloten om samen met
Wolfgang, onze Oostenrijkse reisgenoot de tour te doen. En we wilden er
verder niemand bij. Overal gevraagd naar de prijzen en de voorwaarden.
Bij de meesten moesten we de zesde plek in de jeep betalen, behalve bij
de beroemde Colque tours, de grootste van allemaal in Uyuni. Twee dagen
later gingen we betalen en toen bleken we het helemaal verkeerd
begrepen te hebben. Dat pikten we dus niet. Gelukkig vonden we nog een
bureautje dat met ons in zee wilde, Pumela-tours. We betaalden maar
voor vijf en ook nog eens een lagere prijs per persoon dan alle andere
agentschappen. Als dat maar goed komt, dachten we, want we hadden al
gehoord over dronken chauffeurs, slechte auto's en dergelijke.
's Ochtends werden over een pas van 4500 meter gereden over het
Chileense asfalt. Plotseling rijden we links de weg af en belanden op
een gigantisch slechte ripioweg. Dit bleek de toegangsweg naar Bolivia.
Twee kilometer verderop is de grenspost. In tegenstelling tot zijn
sjacherijnige Chileense en Argentijnse collega's, ontvangt de
Boliviaanse douanier ons met een grote glimlach en een warme handdruk.
Hij bleek en voorbode van de algemene Boliviaanse mentaliteit, die de
enorme kou van de altiplano voor een groot deel compenseert.
| Onze jeep |  | | Met deze jeep hebben we drie dagen rondgetrokken door de altiplano |
Onze jeep staat een eind apart van de jeeps van de ´serieuze´
reisbureau's, maar wij zijn meteen gerustgesteld als we onze chauffeur
en kokkin zien. Het is een traditioneel Boliviaans echtpaar van een
jaar of vijftig. Esteban is een vriendelijke man met een rustig
karakter en zijn vrouw Fausta (met bolhoed, lange zwarte staarten en
heel veel rokken) is vriendelijk en toont vanaf het eerste moment over
veel humor te beschikken. Tijdens de rest van de tocht blijkt dat wij
de enige jeep zijn die geen panne heeft gehad onderweg. Esteban reed
dan ook heel voorzichtig en onderhield zijn oude karretje met veel
liefde en geduld. En Fausta bleek een hele goede kokkin te zijn. Geen
kwaad word dus over Pumela tours en leve onze chauffeur-gids Esteban en
onze kokkin Fausta! | Fausta |  | | Onze kokkin, tevens echtgenote van de de chauffeur annex gids |
| Fausta en Esteban |  | | Onze gids en de kokkin |
De tour zelf was een wonder. We reden de hele tijd op een hoogte van
ruim 4000 meter, omringd door vulkanen en bergketens. De tour leidde
ons langs door diverse mineralen waanzinnig mooi gekleurde laguna's,
met roze en zwarte flamingo's ter versiering.
| Flamingo |  | | En zo zaten er duizenden | En langs blubbende en rokende geisers en
heetwaterbaden, waarin wij heerlijk konden badderen, terwijl het buiten
ons kkkkkkkkoud was. Een van de mooiste plekken was wel de Valle de
Dali, een plek waarin je je middenin een schilderij van Dali waant.
Dali is hier ook werkelijk geweest en hij heeft er heel veel inspiratie
opgedaan, getuige zijn schilderijen. Een voorbeeld is de 'Piedra de
Arbol' ofwel de 'stenen boom'. Deze heeft hij letterlijk gebruikt in
enkele van zijn werken. | Piedra de Arbol |  | | Stenen boom die Dali inspireerde | We passeren ook een
rotsformatie waar de beroemde konijnen uit de 'Meaning of Life' van
Monty Python wonen. Het zijn konijnen met lange staarten die waanzinnig
hard kunnen lopen. Ze eten bijna uit de hand van de toeristen, maar
kunnen ook als een pijl uit een boog wegschieten. Het piece de
resistance is natuurlijk de Salar de Uyuni. Een enorme zoutzee met de
afmeting van half Nederland, waarwe dwars doorheen rijden. Middenin
ligt een waanzinnig mooi eiland vol met enorme cactussen van soms wel
duizend jaar oud. We passeren ook een hotel dat volledig van zoublokken
is gebouwd, zelfs de bedden. Het is inmiddels echter gesloten, omdat
het hotel geen goede oplossing had gevonden voor het afvalwater.
| Cactus op zouteiland |  | | Enrome cactussen op Isla de Pescado midden in de Salar de Uyuni |
| Zoutwinning |  | | Zoutwinning in de Salar de Uyuni |
BOLIVIA: HOOG, KOUD MAAR VRIENDELIJK
Via de tour van de Salar de Uyuni zijn we dus in Bolivia aanbeland. Dat
is een heel andere ervaring. Dit land ligt voor een groot deel op 4000
meter hoogte. De meeste mensen en wij Nederlanders al helemaal zijn
niet gewend aan deze hoogte. Sommige mensen kunnen er zelfs heel ziek
van worden. Wij hebben gelukkig weinig last van de hoogteziekte, maar
met enkele uitvloeisels hebben we wel te maken. In de eerste plaats is
het waanzinnig koud. Bovendien hebben de Bolivianen nooit verwarming in
huizen, restaurants of hotels. 's Nachts koelt het af tot 15-20 graden
onder nul! Zo gauw de zon weg is, moet je al je kleren aan, aangevuld
met wanten, mutsen en sjaals. Bibberend van de kou eet je dan je pizza
of je lama biefstuk op, om zo snel mogelijk onder vijf of zes dekens te
kruipen, het liefst met z'n tweeen in één bed. 's Ochtends bij het
ontbijt is de kou echt de perfecte manier om een slecht humeur te
ontwikkelen. Naast het feit dat het vervelend voelt, slaat de kou ook
op je maag. Je krijgt er diarree van en krampen. De remedie is cocathee
met citroen en wat alcohol er doorheen. 'Te de te' noemen ze dat hier.
De eerste nachten in Bolivia waren in zeer primitieve omstandigheden,
wat de ervaring van de kou nog erger maakte dan de werkelijkheid
wellicht was.
| Brrrrr! |  | | Zo ontbeten wij dus in Uyuni |
Gelukkig maken de mensen de kou ruimschoots goed. De Bolivianen zijn
vrolijke, goedlachse en uitermate vriendelijke en gastvrije mensen,
ondanks het feit dat ze bekend staan als een nors en boers bergvolk.
Onze ervaringen zijn echt positief, zowel in de dorpen als in de
steden. De mensen lachen de hele tijd. En niet alleen als een reflex,
maar echte vrolijkheid. Onderling maken ze veel plezier. Ze pesten
elkaar, ravotten en lachen veel. Zowel de mannen als de vrouwen en ook
tussen de sexen. | Boliviaanse vrouw met kind |  | | Deze dames kwamen we tegen tijdens onze wandeltocht in de Cordillera Real rond La Paz |
| Kind van de altiplano |  | | Kind hoog in de bergen |
STRAATLEVEN
De Bolivianen leven voor het grootste deel op straat. Gewone winkels
bestaan natuurlijk wel, maar alles wat je in de winkel kunt kopen, kun
je ook op straat krijgen, maar dan veel goedkoper. Op elke straathoek
kun je verse vruchtensappen kopen van het meest exotische fruit dat je
je kunt voorstellen. Van sinasappels tot enorme papaya's, verse ananas,
kokos en zelfs worteltjessap behoorde tot de mogelijkheden. En verder
kun je alle producten die je je kunt bedenken kopen. Complete
drogisterijen staan buiten, bakkerijen, kaaswinkels, maar ook vlees,
schoenen, bolhoeden, plakband, CD's, bloemen, zuivelproducten,
schilderijen, tapijten etcetera kun je aantreffen.
| Markt in La Paz |  | | Markt tegenover ons hotel in La Paz |
Tijdens ons verblijf in La Paz, keken we vanuit ons hotel uit op een
openluchtmarkt. Op een avond kwam een mevrouw drogisterijproducten
verkopen vanaf een klein fietskarretje. Ze prees haar waar aan met een
een luidspreker die aan een paal van een meter of drie hoog was
bevestigd. Elke 10 seconden schreewde ze haar reclameboodschap de
menigte in. Wij vreesden dat haar voorbeeld door alle anderen gevolgd
zou worden. Gelukkig kan lang niet iedereen zich de luxe van een
luidspreker veroorloven. Anders zou het trouwens ook volstrekt
onleefbaar worden op straat. En waar eindigt deze technologische
competitie? Overigens hadden ale verkopers een echte verkoopvergunning,
en dat vinden wij een hele prestatie voor de Boliviaanse overheid!
Naast de ambulante straatverkoop stikt Bolivia ook van de overdekte
markten. Het mooiste van die markten waren de fruitwijken.
| Kleurig fruit |  | | Fruitstalletje op een markt in Bolivia | Schitterende kramen met alle
soorten groenten- en fruitkramen met fantastische kleuren. Meestal zat
midden in die kleurenpracht een geholhoede mevrouw om je te helpen
uitkiezen. Voor citroenen moesten we meestal een ander wijkje van de
markt in. Daar zaten dan traditioneel geklede mevrouwen op een tapijtje
duizenden citroenen in allerlei maten en soorten te verkopen, samen met
heerlijk ruikende kruiden. De geuren, kleuren en geluiden op de markten
zijn bedwelmend en ze doen erg denken aan de soeks in Marokko en de
overdekte markten van Istanboel. Voor ons was het dus een soort
thuiskomen. Bolivia deed ons zowiezo erg denken aan onze
Turkije-reizen. De vriendelijkheid en gedrevenheid van de mensen, het
straatleven, de eetkraampjes op straat.
KOLONIALE STEDEN
Bolivia heeft prachtige Spaans koloniale steden, zoals Potosi en Sucre.
Potosi is de stad van het zilver. In de Cerro Rico die de hele stad
beheerst, wordt sinds de komst van de Spanjaarden zilver, tin en goud
gewonnen. Maar vooral zilver. Onder verschrikkelijke omstandigheden. De
oorspronkelijke bevolking, later aangevuld met honderdduizenden
Afrikaanse slaven, stierf onder erbarmelijke omstandigheden, diep in de
mijnen of in de muntslagerij van de Spanjaarden, waar het zilver tot
munten werd verwerkt. In de 300 jaar Spaanse overheersing stierven 8
miljoen(!) Indianen en Afrikanen in en rond Potosi. Er kleeft een hoop
bloed aan de Spaanse rijkdommen. De mijn functioneert nog steeds, in
stand gehouden door hopeloze mijnwerkers die op eigen houtje in
cooperaties verder werken, terwijl de mijn ver uitgeput is en de
overheid de zaak al lang heeft opgegeven. Ze hebben echter geen
alternatieven. Ik ben ook in de mijn afgedaald en heb met eigen ogen
aanschouwd in wat voor omstandigheden de mensen daar werken. Barbaars!
| Cerro Rico |  | | Dit is dus de berg waar al vijfhonderd jaar zilver en andere metalen gewonnen worden ten koste van vele levens | | Mijnwerker |  | | Middeleeuwse toestanden in de Cerro Rico | In de stad
zelf lieten de vrome Spanjaarden vele kerken en en kloosters na en
uiteraard hun typische stratenpatroon en mooie huizen met balkons. De
stad is daardoor erg mooi en aangenaam, maar toch, die mijn laat je
nooit los.
| San Antonio de Padua |  | | Geweldige kerk, geweldige rondleiding en geweldig uitzicht op en vanaf het dak | | Uitzicht over Sucre |  | | Uitzicht over Sucre vanaf de zuilengalerij bij het kindermuseum |
Sucre geeft niet dat ongemakkelijke gevoel dat Potosi steeds geeft.
Sucre ligt lager, is warmer en vrolijker en heeft alleen de rijkdommen
van Potosi verbruikt als hoofdstad van het oostelijk deel van het
Spaans Amerikaanse rijk. Ook hier veel kerken, kloosters, aangename
pleinen en prachtige uitzichtpunten, die mij het gevoel geven alsof ik
in Granada ben. Naast al deze koloniale rijkdom heeft Sucre ook de
dinosaurussporen als attractie. Een enorme verticale muur van steen,
gevonden in een cementwingebied, die vol staat met dino-pootafdrukken.
In de tijd van de dino's lag de muur uiteraard horizontaal. En wij
maakten ook de jaarlijkse rally door de stad mee. Twee dagen lang is de
hele stad in de ban van ronkende motors en auto's die tegen elkaar
racen. Ze scheuren dwars door het atadshart heen, dat bijna
onbereikbaar is daardoor. Verder biedt de stad uitstekende
mogelijkheden voor prachtige
wandeltochten.| Racen door Sucre |  | | Jaarlijkse ralley door centrum van Sucre |
In Sucre sliepen wij in het Grand Hotel. Een superchique hotel met drie
sterren. Door mijn ijzersterke onderhandelingstalent (ahum), zaten we
daar voor een onwaarschijnlijk lage prijs. Anderen zaten in donkere
hokken voor een hogere prijs. Geluk moet je soms hebben!
FEEST
| Gran Poder |  | | Dansende vrouwen met ratels tijdens Gran Poder in La Paz |
Bolivia viert voortdurend feest. In elk dorp, elke wijk, elke stad,
voortdurend zijn er optochten en ontploffen er rotjes en bommetjes.
Fiesta! Er is ook iedere dag wel een heilige jarig en dat moet gevierd.
Een van de grootste feesten die we meemaakten was de Gran Poder in La
Paz. Het gaat om het feest van Jesus de Gran Poder. Om zeven uur 's
ochtends vertrekt de eerste groep vanaf de kerk van Gran Poder en trekt
dansend en zingend door de stad, langs een lang parcours, dat geheel is
afgezet met tribunes en stoelen waar je een plekje kunt huren. In
totaal vertrekken er 53 groepen en doen er 12.000 dansers en muzikanten
mee in de optocht. De laatste groep vertrekt rond 7 uur 's avonds vanaf
de kerk en arriveert om een uur of twee 's nachts bij het eindpunt. En
de hele dag (en avond en nacht) staan er tienduizenden mensen langs de
kant mee te feesten en te genieten van de prachtig uitgedoste
dansgroepen. Schitterende maskers van Oosters aandoende monsters,
traditionele dames met vele rokken en bolhoeden die draaien met ratels
in de vorm van wasmachines, koelkasten, vissen en nog veel meer, sexy
ladies met korte rokken, lange benen en hoge laarzen met hoge hakken.
Het mooiste zijn de bands met uitsluitend koper en slagwerk die
hallucinerende muziek maken. We waren blij dat wij dit geweldige
volksfeest mochten meemaken in smoggy, maar vrolijk en vibrerend La
Paz. | Gran Poder |  | | Een van de duizenden prachtige maskers tijdens Gran Poder in La Paz |
Een ander indrukwekkend feest was de zonnewende op 21 juni in een
Incatempel in Copacabana. Om vijf uur 's ochtends trokken we met een
groep toeristen (waaronder onze vriend Brady van de Navimag in Chili en
zijn zus) voor de tocht omhoog naar de ruines. We watren zeker niet
alleen. Honderden andere toeristen en lokale bevolking vergezelden ons
op onze tocht. Het was gemeen koud, maar de klim zorgde voor wat
verwarming. | Zonnewende |  | | Priester leidt zonnewende ceremonie in Copacabana | Bovenop sprak een
sjamaan de menigte toe, begeleid door een band en gezang van de mensen.
Tegelijkertijd werden offers in brand gestoken voor Pacha Mama (moeder
aarde). De hele ceremonie duurde een uur of drie en diende om een goede
oogst af te roepen voor het komende jaar. Het mooiste moment was toen
de zon werkelijk boven de bergtoppen verscheen. Iedereen stond met zijn
handen geheven naar de zonnegod en barste in zingen en lachten uit toen
hij zich echt liet zien. Een magisch moment.
| Zonsopgang |  | | Dan komt de zon eindelijk boven de bergen uit. Een magisch moment! | Daarna moest de zon zijn licht
nog laten schijnen op een speciale, rituele plek. Ook dit proces werd
begeleid door een uitgebreide ceremonie onder leiding van de sjamaan.
Opgearmd door het vroege zonnetje daalden we heilige berg af en genoten
van een heerlijk ontbijtje met onze vrienden.
| Offers voor de zonnegod |  | | Offers voor de zonnegod om een goed jaar te vragen |
Het zonnewendefeest werd in Cuzco nog eens overgedaan, maar dan op 24
juni en vooral als toeristische attractie. Het feest heeft Inti Raymi
en is bedoeld als feest voor de boeren om een goede oogst af te roepen.
Het feest begint op de 23e met een grote optocht van dansende en
musicerende groepen, zoals de Gran Poder in La Paz. De dag daarna
verplaatst het podium zich van de stad naar de Inca ruines van
Sacsayhuaman (ofwel 'sexy woman' zoals onze Amerikaanse vriend Brady de
ruines als ezelsbruggetje noemt). Daar wordt een soort massatoeneelstuk
opgevoerd voor de mensen die veel geld willen betalen voor een
zitplaats. Het gewone volk viert gewoon feest op de vele heuvels van de
ruines. Tienduizenden mensen hebben plezier, drinken een biertje, eten
een hapje en kletsen bij. Een soort Dunya-festival eigenlijk.
| Inti Raymi |  | | Zonnewendefeest in Cuzco in de ruines van Sacsaywhoman |
WANDELTOCHTEN
Ook in Bolivia hebben we een aantal mooie tochten ondernomen. Om te
beginnen in de bergen rond Sucre. Daar maken we een mooie dagtocht in
de Cordillera de los Frailes. Het wandelpad voert ons over een pas van
4000 meter. | Cordillera de los Frailes |  | | Uitzicht op de bergen rond Sucre vanaf de Camino de los Frailes | Het pad is een
originele camino de los Incas, maar wordt camino de los frailes
genoemd, omdat de Jezuiten in de tijd van Carlos de vijfde via dit pad
het land moesten verlaten vanwege 'subversieve' activiteiten.
Andersgezegd vond de koning van Spanje dat de paters iets teveel
meedachten en -hielpen met de lokale, Indiaanse bevolking. Na de pas
duikt het pad een vallei in die 600-700 meter lager ligt en waar we de
goedbewaarde rotstekeningen van Incamachay bewonderen.
| Rotstekeningen |  | | Rotstekeningen in de buurt van Sucre | De grote hoeveelheid
tekeningen is 1500 jaar geleden gemaakt door de indianen in een plek
die als heilig wordt beschouwd. Het is ongelooflijk dat dit soort
archeologische rijkdommen open en bloot en zonder bescherming te
bezoeken zijn. Na de afdaling nemen we hetzelfde pad terug omhoog en
moeten dus 600-700 meter terug omhoog in de brandende zon. Het gaat ons
beter af dan onze gids die echt op apengapen ligt en regelmatig naar
adem happend in de kant neerzijgt.
De zwaarste maar tevens adembenemendste tocht was onze driedaagse
trekking in de Cordillera Real ten noord-westen van La Paz. De tocht
voert langs de hier beroemde Tuni Condorirri, een drietal steile
rotspieken die samen een condorsnest vormen en tevens gastheer zijn van
een indrukwekkende gletsjer en langs de vallei van Chaca Pampa.
| Cerro Conduriri |  | | Bij dit meertje en gletsjer sloegen wij ons basiskamp op op 4600 meter hoog. | We vertrekken 's ochtends met
een 4x4 uit La Paz en worden afgezet bij het dorpje Tuni. Daar worden
de ezeltjes gehuurd die onze bagage en de tenten en eetspullen
vervoeren. De ezeltjes worden begeleid door een goedlachse Boliviaanse
met bolhoed, vlechten en rokken, Marisol heet ze. Ze heeft een
bereconditie en loopt iedereen er uit met haar struise pas.
| Marysol |  | | Onze ezelbegeleider tijdens trekking in Cordillera Real | De eerste dag voert over een
zacht stijgend geitenpad langs een aantal lagunas naar de laguna van
Chigara Onta, onderaan de cerro Condurirri. Hier is een basiskamp
gevestigd voor beklimmingen van de cerro en de gletsjers. Het kamp ligt
op 4600 meter. Zo hoog hebben we nog nooit geslapen! Als de zon
verdwijnt, wordt het dan ook venijnig koud. We trekken alle kleren aan
die we bij ons hebben, plus de speciale pakken die we kregen van de
gidsen. We slapen met z'n viertjes in een klein koepeltje met extra
dekens en slaapzakken. Een eindje verderop loopt een kraan voortdurend
door. Onderaan de kraan hangt een dikke ijspegel. Ondanks dat het
stroomt vormt er zich dus toch ijs.
| Ijs- en ijskoud |  | | Het water bevroor bij Tuni Conduriri | We eten 's avonds in de ijzige
kou en rond acht uur gaan we slapen. De nacht is volledig licht, want
het is volle maan. De bergen en de gletsjer wordt door een zacht geel
licht beschenen. Zo mooi hebben we het nog nooit gezien. Ondanks alle
kleren en dekens lukt het ons niet om te slapen. Het is ijs- en ijskoud
en bovendien valt het op deze hoogte niet mee om goed adem te halen. Na
een zware nacht komen we rond half acht 's ochtends uit bed. Ook onze
gidsen hebben amper geslapen. Het was volgens hen zeldzaam koud geweest
die nacht. Ellen en Mila hebben beiden last van de hoogte en voelen
weinig voor de op het programma staande beklimmingen van drie passen
van 5000 meter. Gelukkig kunnen we twee ezeltjes huren inclusief twee
typisch Boliviaanse begeleidsters die evenals Marisol bewijzen over een
gigantisch goede conditie te beschikken. Mara en ik bestijgen de eerste
pas samen. Daarna valt ook Mara voor de luxe van een ezeltje en ben ik
(samen met onze twee vrouwelijke gidsen en de ezelbegeleidsters) de
enige die lopend omhoog gaat. | Familie op de ezel |  | | Iedereen gingen de passen van 5000 meter over met een ezel, behalve de grootste 'ezel' van het stel |
En het valt niet mee. De hoogte is echt een factor om rekening mee te
houden. De allerlaatste pas van 5000 meter haal ik op mijn tandvlees en
alleen door elke 30 meter hijgend te rusten. Daarna nemen we afscheid
van de ezels en dalen af in de enorm brede vallei van Chaca Pampa. We
kamperen bij de Laguna Liviñosa op 4300 meter hoogte. Iets minder koud,
maar niet heel veel minder. We slapen gelukkig goed en de volgende
ochtend dalen we verder de Chaca Pampa in, een vruchtbare vallei die
eindigt bij een hydroelektrische centrale die La Paz en omgeving van
elektriciteit voorziet. Hoewel het bureautje dat ons de tocht verkocht
dit een 'echte familietocht' noemde, vonden wij het eigenlijk veel te
zwaar. Maar uiteindelijk wel absoluut de moeite waard.
| Chaca Pampa |  | | Afdalen in de vallei van Chaca Pampa |
Onze derde tocht hebben we gemaakt bij het Lago Titicaca. Vanaf de
Incaruines op de noordpunt van het magische Isla del Sol naar de
zuidpunt, waar we 's avonds een heerlijk volksfeest meemaakten met veel
drank en dansen. | Pad op Isla del Sol |  | | Route over Isla del Sol (Lago Titicaca) | De tweede dag
lieten we ons met een bootje overzetten naar het vasteland en liepen de
resterende 17 kilometer naar Copacabana, waar ons geweldige hotel La
Cupula uitkijkt over de baai. De tocht ligt op 3800 tot 4000 meter
hoogte en was veel beter te doen dan die in de Cordillera Real. Het
eiland is heel lieflijk. Omdat je over de bergrug loopt, moeten we wel
behoorlijk wat stijgen en dalen, maar het gaat de hele familie goed af.
Mede dankzij het feit dat we gezelschap hebben van Mark en Eva uit
Engeland, die onze tocht erg gezellig maken.
| Mark en Eva |  | | Mark en Eva tijdens een ritueel om geluk en gezondheid af te roepen in Copacabana |
LAGO TITICACA
De naam is al gevallen: Lago Titicaca. Het is het grootste en hoogste
(3800 meter) meer van Zuid-Amerika. Het heeft een belangrijke functie
in de geschiedenis van de Inca's, omdat de eerste Inca en zijn vrouw
hier 'geboren' zijn uit het meer. Op het Isla del Sol bepaalde Manco
Capac waar hij de hoofdstad van zijn nieuwe rijk zou bouwen. Dat werd
uiteindelijk Cuzco. Het Titicaca meer is onwaarschijnlijk blauw en
heeft de afmetingen van een zee.
| Lago Titicaca |  | | Bootje op het Titicacameer | Overal om het meer groeit riet
en de plaatselijke bevolking maakt nog steeds rieten boten. Hun
voorvaders voeren met deze boten zelfs naar de andere continenten,
zoals de Noorse wetenschapper Thor Heyerdahl heeft proberen te bewijzen
door met een rieten boot de oceaan over te steken. Afgezien van dit
experiment zijn er andere bewijzen die aantonen dat de indianen
contacten hadden met andere continenten voordat Columbus Amerika
ontdekte. Aan de oevers van het meer bevinden zich de indrukwekkende
ruines van de stad Tiwanaku, genoemd naar de gelijknamige pre-Inca
cultuur. Deze cultuur had een enorm hoog niveau van beschaving. De stad
staat vol enorme, prachtig bewerkte monolieten en indrukwekkende
tempels en pyramides. In een van de tempels zijn 177 stenen hoofden in
de muur verwerkt (in relief). De gezichten laten diverse rassen zien,
wat aantoont dat er eerder contacten waren. We zien Europese baarden
(vikings?), Aziaten, zwarten en Arabische gezichten.
| Viking? |  | | Stenen gezicht van man met baard in Tiwanaku | Wat op ons ook grote indruk
maakt, zijn de zonnetempel en de zonnepoort. De tempel is in zo'n
positie gebouwd dat zowel de zonnewendes van 21 juni en 21 december als
de equinoxen van 21 maart en 21 september op dezelfde plek
plaatsvinden. De zon valt langs een verschillende kant de tempel
binnen, maar komt telkens op de zelfde centrale plek in het heiligdom
binnen. Alles in volstrekte symmetrie. De zonnepoort bevat afbeeldingen
van een compleet uitgewerkte jaarkalender met dagen, maanden, weken en
uren van de dag. De Tiwanaku's wisten veel van de astrologie, die ze
gebruikten voor de landbouw. Ook de Inca's gebruikten deze kennis.
| Monoliet |  | | Monoliet in Tiwanaku |
Over de grens in nabij Peru treffen we een toeristische uitwas aan van
het gebruik van het riet van het Titicaca meer. In Puno hebben diverse
families drijvende eilanden gemaakt van de rietvelden die ze
aantroffen. Elke drie maanden worden de eilanden opgehoogd met twintig
centimer vers riet. De huisjes zijn mobiel dus die zetten ze bovenop de
nieuwe laag. De mensen leven van het toerisme, de visserij en het maken
van de traditionele rieten bootjes. Om het drijfvermogen te vergroten,
vullen ze ze tegenwoordig echter op met plastic flessen. Een beetje
bedriegerij vonden wij, maar desondanks zijn de 'islas flotantes' van
de Uros wel interessant om te bezoeken. Al was het alleen al om
traditionele dames te zien volleyballen. De eilandjes hebben namelijk
een eigen volleybalcompetitie die elke zondag uitgebald wordt. De
damesteams spelen met de traditionele rokken en staarten. Het enige dat
ze opzij leggen zijn de bolhoedjes, want dat is echt onpraktisch. De
cultuur en klederdracht van de mensen rondom het Titicaca meer is
trouwens in Bolivia en Peru hetzelfde. Het is immers de zelfde
Aymara-bevolking die hier woont.
| Rieten boot op het Lago Titicaca |  | | Typisch rieten bootje op het Titicacameer bij de Uros-eilanden (drijvende eilanden) in Puno |
| |